Madame Victoire Ingabire Umuhora en het Sterke Zwarte Vrouwen Complex (SZVC)

Eerder dit jaar publiceerde NRC-Handelsblad een portret van de Rwandese Victoire Ingabire Umuhora. Ze woont in Nederland maar keert binnenkort terug naar haar geboorteland om het bij de presidentsverkiezingen op te nemen tegen Paul Kagame. De NRC publiceerde een hartverscheurend verhaal over de genocide die nu precies vijftien jaar terug in Rwanda plaatsvond, hoe zij naar Nederland vluchtte en zich later met haar familie kon verenigen.
Ik heb bij het verhaal verder niet nagedacht, het uitgescheurd en in een mapje gestoken. Misschien moet ZAM eens aandacht aan haar besteden, dacht ik nog.

Vorige week bracht EenVandaag een uitgebreide reportage over deze zelfde vrouw. We waren getuigen van haar afscheid als accountant bij het Nederlandse bedrijf waar ze werkzaam was en hoorden hoe haar kinderen tegen haar politieke ambities aankeken. Net als het artikel wekte dit item sympathie, vermoedelijk ook omdat ik enige twijfel heb bij de vele lofzangen op het nieuwe Rwanda en zijn bevlogen president, Kagame. Van een Rwandese danser, die onlangs in Johannesburg optrad, hoorde ik dat Kagame het Frans als vak op middelbare scholen heeft afgeschaft. De Rwandese president beschuldigt Frankrijk van betrokkenheid bij de genocide en wil het zo straffen. Er is een sterke economische groei in zijn land maar het leger achterblijvers dat van een paar dollar per dag moet leven groeit. Er heerst een fluistercultuur omdat in Kagame’s ogen open debat de oude etnische tegenstellingen kan aanwakkeren. Maar is het wel verstandig om deze tegenstellingen toe te dekken?

Kort nadat het NRC artikel was verschenen vertelde iemand me dat mevrouw Umuhora Hutu is. Het is dus uiterst onwaarschijnlijk dat zij het slachtoffer is van de genocide. Sterker, ze is met haar man oprichter van CODAC, een organisatie die zich ten doel stelt om Hutu’s in de kampen – sommigen spreken van militaire bases – in Oost-Congo te helpen. Ook nam CODAC het op voor de Hutu-zanger Bikindi, die jaren geleden in Nederland gearresteerd is en werd uitgeleverd aan het Rwanda tribunaal. Bikindi is inmiddels veroordeeld tot 15 jaar gevangenisstraf, schuldig aan genocide. Vanuit een luidspeaker op zijn auto riep hij destijds op om Tutsi’s te doden. In een volgende rit vroeg hij mensen of de ‘slangen’ waren vermoord?

Leuk mens dus, madame Victoire Ingabire Umuhora!

Een collega die ik enkele dagen terug mailde en vroeg of hij hier soep van kon maken, zegt dat hij Umuhora enkele jaren geleden op een bijeenkomst in Den Haag hoorde betogen dat er nooit een genocide heeft plaatsgevonden.

Inmiddels heb ik van een andere collega gehoord dat er in de journalistiek een stroming opkomt die vindt dat je in human interest verhalen mensen gewoon hun verhaal moet laten vertellen. Hoe zou er gereageerd worden als de Engelse professor Irving, die de holocaust ontkent, dat zonder enig weerwoord zou doen?

Of is er een andere verklaring voor zoveel onprofessionele onbenulligheid – laat ik het het Sterke Zwarte Vrouwen Complex (SZVC) noemen. Lijders aan het complex raken snel onder de indruk van een ‘vluchtelinge’ die het in Nederland maakt en die felheid en compassie uitstraalt. Wat ziet ze er goed uit na alles wat ze heeft meegemaakt! En ze spreekt foutloos Nederlands! Dat ze zo fel tegen Kagame is, zou enige achterdocht moeten wekken. Maar wie is Kagame? Is ze Hutu? Waren dat nou de daders of de slachtoffers? Hoetsies en Toetoes, hoe zat het ook alweer? Vooral niet googlen want dan raak je maar in verwarring. Door SZVC is het hoofd op hol geraakt en de blik vernauwd. Gewoon denken:’Zoals het er nu staat klopt het stuk aan alle kanten en de reportage kon niet mooier.’
En Afrika is nog niet verloren dankzij mama Umuhora! Op naar de volgende opdracht.


MacHeath


De bankier MacHeath in Brecht’s Driestuiversopera: Wat betekent een valse sleutel in vergelijking met een aandeel? Wat is inbraak in een bank vergeleken met de oprichting van een bank? Wat, mijn beste Grooch, betekent de moord op een man vergeleken met het in dienst nemen van een man?’


Breytenbach’s horrorfilm


In zijn brandbrief aan Madiba (‘Mandela’s glimlach verhult een drama’, Volkskrant, 4 april 2009) velt Breyten Breytenbach een genadeloos oordeel over post-Apartheid Zuid-Afrika. De regenboognatie is, aldus de aanhef, veranderd in een oord van geweld en machtsmisbruik. ‘Hoe heeft het zover met ons kunnen komen dat doden worden verminkt, de rechterogen worden uitgestoken in de mortuaria om te worden verwerkt in middeltjes die het zicht van de levenden zouden verbeteren, en dat lijken worden opgegraven met als doel de kist te stelen?’
Zuid-Afrika als horrorfilm.
Het komt zeker wel voor dat ergens achterlijke zielen zich om onnavolgbare redenen op een lijk uitleven. Het aantal morbide misdaden is hier ongetwijfeld nog hoger dan in Oostenrijk of Belgie. Maar overdrijvingen overtuigen niet, althans mij niet. Veel van mijn vrienden blijken er wel gevoelig voor getuige de oproep die mij al jaren gemiddeld 1 keer per kwartaal bereikt. Hierin staat dat de Zuid-Afrikaanse regering de kinderbescherming wil afschaffen terwijl er op grote schaal babies worden verkracht, zoals laatst nog in de Noord-Kaap, zes mannen die zich in een baby boorden, de een na de ander. De oproep is een hoax om e mailadressen te verzamelen, dat staat al jaren vast en dat mail ik mijn vrienden keer op keer: de kinderbescherming wordt niet afgeschaft, de verkrachting vond tien jaar terug plaats en gebeurde door een man, niet zes. Erg genoeg maar toch minder die horrorfilm waarvoor Zuid-Afrika wordt gehouden.
Ik stel me zo voor dat bij zijn recente bezoek aan dit Armageddon een erehaag van klagende Zuid-Afrikanen Breytenbach stond op te wachten. Want klagen kunnen ze hier nog beter dan in Nederland. En het is altijd baas boven baas. Je schijnt hier niet gewoon beroofd te kunnen worden, er moet altijd een verhaal van worden gemaakt dat de toehoorders doet gruwelen. Gevierendeeld, wat zeg ik, gestenigd! Een nieuwsrubriek van een der commerciele zenders meldde destijds over de Noord-Kaapse verkrachting dat er acht mannen aan hadden meegedaan, lang leve de eigen invalshoek (en nog hogere kijkcijfers).

Ik wil geen apologeet voor het nieuwe Zuid-Afrika zijn. Jazeker, de misdaad is hier omvangrijk en vaak gewelddadig (al tonen de statistieken al jaren een afname). En er is veel corruptie, al steekt het nog mager af bij de fraude in het oude Zuid-Afrika. Vrouwen zijn angstaanjagend vaak het slachtoffer van misbruik. Het feit dat er veel vaker aangifte wordt gedaan, maakt dat gegeven nauwelijks draaglijker. Dat we hier sinds de democratische omwenteling een van de meest efficiente belastingdiensten ter wereld hebben (die tientallen miljarden extra heeft opgehaald waarmee massale woningbouwprogramma’s, aanleg van water- en electriciteitsleidingen en gratis gezondheidszorg voor zwangere vrouwen en kinderen wordt gefinancierd) is natuurlijk geen zalfje dat op de wonden van misdaad en corruptie kan worden gesmeerd. Met de vreugde over gemengde universiteiten en scholen en een economie die als een van de weinigen ter wereld dit jaar zal groeien kunnen trauma’s, ook die van het verleden, niet eenvoudig worden weggemasseerd. Over deze ernstige kwalen kan dus niet genoeg geschreven worden. Dat mag tegenwoordig gelukkig ook.

Wat me echter tegenstaat is Breytenbach’s timing. Dit land heeft zich amper zes maanden geleden van een president ontdaan die, zo heeft de Harvard School for Public Health berekend, verantwoordelijk kan worden gehouden voor de dood van 330 000 mensen aan wie aidsremmers werden onthouden. Inmiddels staat ook wel vast dat Mbeki er niet voor terugdeinsde om overheidsinstellingen en justitie te misbruiken in pogingen om zich van politieke tegenstanders te ontdoen, zoals Jacob Zuma. Jarenlang hield Mbeki Robert Mugabe’s ZANU-pf de hand boven het hoofd terwijl hij van zijn eigen ANC een bange, centralistische beweging maakte. Van de trotse idealen waarvoor Mandela’s beweging zo lang stond, was nog maar weinig over. Waarom liet Breytenbach toen zo weinig van zich horen? Beschouwde hij Thabo Mbeki tezeer als een oude strijdmakker uit de ballingentijd?

Wat Zuid-Afrika met Jacob Zuma te wachten staat, laat zich moeilijk raden. Vaststaat dat hij zijn toekomstige macht dankt aan een voorganger die zich tot keizer wilde laten kronen. ‘No Zimbabwe!’ stond er op plakkaten die aanhangers van Zuma omhoog hielden op de ANC-conferentie die Mbeki ’s ambities om opnieuw ANC-president te worden, blokkeerde. Zuma profiteerde van de angst die Mbeki jarenlang zaaide en bleek de enige die het nog tegen hem durfde op te nemen.
Vaststaat dat Minister Beetroot, zoals Mbeki’s zwaar gestoorde minister van gezondheidszorg werd genoemd, werd vervangen door de allerwegen zeer bejubelde Barbara Hogan en dat de ondervoorzitter van het parlement, Noziswe Madlala (ANC), nu een waarheidscommissie over het aidsbeleid tijdens Mbeki voorstelt, en publieke excuses van haar beweging voor ‘de jaren van ontkenning.’ Ze heeft daarbij de steun van de vakbeweging en de communistische partij.
Vaststaat dat Zuma’s traditionalistische voorkeuren de progressieve grondwet van dit land zwaar onder druk kunnen zetten en feministische en homobewegingen zullen dwingen om over verworven rechten de strijd aan te gaan met een in wezen uiterst conservatieve samenleving.

Bovenal staat vast dat Afrika niet het paradijs zal worden waar Breytenbach van droomt. Een continent dat ‘eigen (…) duurzame moderniteit’ vormgeeft, ‘ver verwijderd van die westerse universele modellen van globalisering’, (…) ‘dat de hoeder van vele verledens zal zijn en de voogd van onze toekomst – waarvan we weten dat die aan de vrouwen is’; (…) ‘van wederzijdse vermenging en dus wederzijdse zelfverrijking.’ En, o ja, een continent ‘waar de voorouders levend worden gehouden.’
Dit is de revolutie die Mandela Zuid-Afrika onthield toen hij koos voor een onderhandelde oplossing waarbij ‘het oude’ niet rucksichtlos vernietigd werd om zodoende plaats te maken voor ‘het nieuwe.’ Daarmee werd vermoedelijk een bloedbad voorkomen en hoeft het nieuwe Zuid-Afrika niet gebouwd te worden op een ruine. Het blijft dus behelpen, en vooral bevragen en bekritiseren. Met af en toe een brief van een schrijver die over het onvermogen van zwarte Afrikanen om het paradijs op aarde te stichten telkens weer teleurgesteld zal zijn


Zuma, amakwerekwere en Goede Vrijdag


Zuma’s ontslag van rechtsvervolging is terecht. De afgetapte telefoongesprekken tussen de vroegere Openbaar Aanklager (de echtgenoot van Mbeki’s vice-president) en rechercheurs van de Scorpions vormen het bewijs van een politieke agenda die erop gericht was om Jacob Zuma’s kansen op het leiderschap van het ANC te blokkeren. Of en in hoeverre Mbeki hier zelf bij betrokken was staat niet vast. Of de inlichtingendienst toestemming had gegeven om de telefoongesprekken af te luisteren, wordt momenteel onderzocht. Hoe de opnamen in het bezit zijn gekomen van Zuma’s advocaten blijft onduidelijk. Toch weten we nu dat Zuma gelijk had toen hij opmerkte dat er een ‘samenzwering’ tegen hem gaande was.
De critici van het nu genomen besluit hebben gelijk dat Zuma achtervolgd zal worden door de verdenking van corruptie. Maar evenzeer staat vast dat een eventuele veroordeling door velen zou worden gezien als het resultaat van samenzwering. Zuma kon domweg geen eerlijk proces meer krijgen. Het lijkt me onwaarschijnlijk, en te simplistisch, om het besluit van de Openbaar Aanklager nu te kenschetsen als een vorm van inmenging in de rechtsgang door de nieuwe ANC-leiding. Men heeft eindeloos vergaderd, gewikt en gewogen en uitgesteld. Totdat ook degenen binnen het Openbaar Ministerie die oprecht geloofden een zaak tegen Zuma te hebben twijfel toonden aan de integriteit van de opdrachtgevers. De herziening van een in gang gezet onderzoek door de Openbaar Aanklager is grondwettelijk verankerd, net zoals dat bijvoorbeeld in de Verenigde Staten het geval is. Het standpunt dat de rechter maar had moeten bepalen of Zuma het slachtoffer was van een intrige, zoals de critici nu zeggen, is onzin. De rechter bepaalt of een aanklacht gegrond is en iemand schuldig is, niet of een zaak al dan niet moet worden gevoerd.

Overigens geef ik niet zo veel voor de aanklachten van corruptie. Zuma heeft ruim 4 miljoen Rand in duizend giften van zijn financiele adviseur in ontvangst genomen. Dat is duizend keer vierduizend Rand (300 euro). Dat is duizend keer een maatpak, het schooluniform van een nichtje, een lening aan een tante met een winkel, een uitgebreide lunch in het Durban Hilton, een ticket naar Kaapstad en nog zowat. Het punt is niet dat Zuma, die zich een chief voelt en een hele uitgebreide familie te onderhouden heeft, de giften niet had mogen aannemen. Het punt is dat hij ze als publieke bestuurder had moeten melden. Dat ook het Franse wapenbedrijf Thint tot de sponsors van Zuma behoorde, staat zeker niet vast. Maar als het klopt dat zij Zuma veertigduizend euro toestopte – heel verkeerd, daar niet van – dan is dat een peuleschil in vergelijking met de tientallen miljoenen Randen die anderen aan de Zuid-Afrikaanse wapendeal overhielden. Onderzoeken impliceren onder meer Mbeki’s inmiddels overleden minister van defensie en bondgenoot Joe Modise en zijn medewerkers. Verzoeken om medewerking aan de Zuid-Afrikaanse Scorpions (inmiddels opgeheven) van onder meer Scotland Yard om mee te helpen aan onderzoek naar omkoping door British Areospace zijn stelselmatig geweigerd. Het argument was dat men het ‘te druk’ had met de Zuma-zaak, de waarheid is dat men niet het risico wilde lopen Mbeki in opspraak te brengen.

Uiteindelijk denk ik dat achter de hoog opgelopen verontwaardiging over Zuma’s ontslag van rechtsvervolging tevens een diepe angst schuilgaat voor zijn onvermijdelijke verkiezing tot president. Angst voor een man in luipaardvel die alle vooroordelen over donker Afrika voedt. Ik wil niet beweren dat Zuid-Afrika van een schone toekomst verzekerd is. De pijn die hij Kwezi aandeed, de vrouw die hem als een oom beschouwde en met wie hij sex had, is onvergeeflijk (al hoor je daar vandaag helemaal niemand over).
Maar vaststaat dat Zuid-Afrika met de vroegere president, die charmante man met pijp, die geen toespraak hield zonder Yeats of Henley te citeren, een duivel op de troon had.
‘Keer nooit je rug om naar Thabo. Dan steekt hij er een mes in’, kon je in het begin van de jaren negentig al van collega-ANC-bestuurders horen.
Het Harvard Institute for Public Health heeft uitgerekend dat hij verantwoordelijk moet worden gehouden voor de dood van driehonderddertigduizend mensen door ze Aidsremmers te onthouden (het totale aantal doden in Zuid-Afrika t.g.v. aids ver boven het miljoen). Hoeveel mensenlevens kostte zijn broederlijke bescherming van kameraad Mugabe? Met de benoeming van lokale Edgar J. Hoovers liet hij staatsmachines naar zijn pijpen dansen. Van het ANC maakte hij een bange, in zich zelf gekeerde beweging.

De voorpagina van de Volkskrant van 10 april 2009 ‘Etnische registratie jjongeren ‘onwettig’, ‘Bands uit Congo zijn weer welkom’, ‘Fusie tussen zwarte en witte school.’ Met recht een Goede Vrijdag!

Hatespeech. Persbericht van de Nelson Mandela Foundation en de officiele mensenrechtencommissie. Aankondiging van een seminar over het gevaar van haatdragend taalgebruik. Ook de politie doet mee. Aanleiding vormt het geweld tegen buitenlanders in mei 2008. Ook met het oog op Wilders is het interessant om vast te stellen wat het effect is van onzorgvuldig woordgebruik. In een toeristische folder las ik laatst dat in geen der Zuid-Afrikaanse talen het woord vreemdeling bestaat want ‘iedereen is welkom.’ Die folder was op een Europees publiek gericht, vandaar dus. Want in alle Afrikaanse talen van dit land bestaat het begrip ‘amakwerekwere’, een scheldwoord voor vreemdeling.


In Johannesburg (3)

Oxford Road, waarlangs ik vrijwel dagelijks naar de winkel wandel, hangt vol met verkiezingsposters. Voor het ANC, voor Cope, het Vrijheidsfront, Inkatha en de Democratic Alliance; Zuma, Dandala, Buthelezi, Zille. Vanmorgen hanger er opeens posters met Vote Milk! Sean Penn’s prachtige epos over de Amerikaanse homovoorvechter Harvey Milk gaat hier vrijdag in premiere. Voor mij heeft hij nu al gewonnen.


Solomon Mahlangu

Gisteren dertig jaar geleden werd Solomon Mahlangu opgehangen. 1979, drie jaar nadat de Zuid-Afrikaanse politie op de scholieren van Soweto het vuur opende. Honderden doden, het startsein voor een trek van duizenden jonge zwarten naar de buurlanden en naar de militaire kampen van het ANC. Solomon was een van die jongeren. Hij keerde drie jaar later vanuit Swaziland terug, gewapend en als lid van een ondergrondse verzetscel. Op weg naar een herdenkingsdienst voor de Soweto-opstand opende de politie in Goch Street, Johannesburg, het vuur op Solomon en zijn kameraden. Lucky wist te ontkomen, Monty werd zwaar verminkt.
Solomon stond alleen terecht en werd tot de strop veroordeeld. De Verenigde Naties smeekte de Zuid-Afrikaanse regering om zijn leven te sparen. Ook Jimmy Carter, toen president, probeerde invloed uit te oefenen.

Ik herinner me posters en een picket-line. In de maanden dat het protest ons bezighield, werd Mahlangu een begrip. We kenden alleen zijn gezicht van een foto die het ANC verspreidde. In de druilerige vroege ochtend gingen we machteloos uiteen; het kantoor van de Zuid-Afrikaanse Lugdiens in de Amsterdamse Leidsestraat achterlatend bedolven ons protestborden en posters.

Gisteravond zond de Zuid-Afrikaanse televisie beelden uit van Solomon’s tocht naar de beul. Opgegraven in de archieven van de vroegere staatstelevisie. Hij lijkt ouder dan op het portret dat het ANC destijds verspreidde. Er spreekt geen angst uit zijn blik, wel ontzetting. Twee politiemannen begeleiden hem, en een blanke man. Zijn advocaat? Hartverscheurend.


bijzaken

Obama wil een verbod op alle kernwapens. Het NOS Journaal – gezien op BVN – opent met het rookverbod in Nederlandse cafe’s. Je moet hoofd- van bijzaken weten te onderscheiden.


In Johannesburg (2)

1
Op zoek naar frisse tinten (de schilder komt maandag) een nieuw palet gevonden op de digitale snelweg. Advertentie van I Love Jozi die de branding van deze stad in overeenstemming probeert te brengen met zijn bonte werkelijkheid. Heel uitzonderlijk voor reclamejongens, meestal doen ze het omgekeerde.

2
Radio, 7.15 uur. Jeremy Mansfield, presentator en de beste Mandela imitator van het land, voert twee Zimbabwaanse immigranten op. De een is straatarm, de ander draagt een keurig maatpak en rijdt in een BMW. ‘Ik sta bij het stoplicht met een bord’, zegt de arme. ‘Please help, 6 kids to feed.’
‘Dat doe je helemaal verkeerd”, zegt de rijke. ‘Ik heb een tijdje bij het stoplicht gestaan met “Please help. Need ten more Rand to buy a ticket back home.” Het geld stroomde binnen.’

3
Plakkaat op boom met krantenkop ‘TRC on Aids’, 8.30 uur. De ondervoorzitter van het parlement, mevrouw Noziswe Madlala-Routledge (ANC), is voor een waarheidscommissie over het aidsbeleid onder Mbeki. Madlala was staatssecretaris van gezondheidszorg, wijzigde het beleid ingrijpend toen haar baas (Minister Beetroot!) even ziek was en werd vervolgens door Mbeki ontslagen. Nieuwe openheid, na een lange bange nacht eindelijk weer debat.


In Johannesburg (1)

1
Het is hier niet alleen het licht dat knispert, vooral in de winter. Het is niet alleen het krakende geschreeuw van de hadida’s, de ibis-achtigen, die door de binnentuin wandelen en wormen aan hun enorme snavels reigen. Soms overstemmen hun kreten mijn Skype-vergaderingen. Gisteren tikten twee bonte spechten tegen de spiegeling van hun contouren in het raam van mijn werkkamer. Op zondag doorbreken de vuvuzela’s uit de langsscheurende taxibusjes op weg naar het stadion de rust, het toetergeluid als voorbode van de voetbalexplosie die Zuid-Afrika volgend jaar te wachten staat.
Het zijn niet alleen het licht en het geluid – deze stad is mijn slijpsteen. Dagelijks aanwaaiende complexe en verwarrende beelden. Op de galerij jogt Alva, de 82-jarige buurvrouw, me tegemoet. Op straat drilt zich onder mijn voeten, op weg van het flatgebouw naar het winkelcentrum geluidloos de boor van de nieuwe ondergrondse trein. Deze zes keer zo lange noord-zuidlijn vindt in twee jaar tijd zijn weg van het vliegveld via het centrum en dan Rosebank, waar ik vlakbij woon, naar Pretoria door het rotsen fundament waarop deze stad gebouwd is. Niets verzakt of ingestort. Het is dit aanhoudende bouwen versus de hobo’s die zich bij de bushalte volgieten met vonkelwijn en me blijven groeten met het door mijn ziel snijdende Baas!
‘Baas! Hoe gaan dit?’
De blinde Zimbabwaanse jongen aan de hand van zijn zuster bij het stoplicht. De Amakipkip, zoals de ‘born frees’ van Zuid-Afrika zich noemen, schenken er geen aandacht aan. Oude wereld nieuwe wereld verleden toekomst verwachtingen teleurstellingen boos en bang vrolijk tegelijk. Lopend langs Oxford Road lachen de verkiezingsplakkaten met de kop van Jacob Zuma me toe. De kale knikker verleidt tot een onuitspreekbare incorrecte grap.
Door het hotel de short cut naar de Mall, per roltrap afdalend naar Cinema Nouveau. Omdat The Reader uitverkocht is, kiezen we voor Vicky Christina Barcelona, de nieuwste van Woody Allen P. zegt: ‘De schoonheid van de oude wereld en de humor van de nieuwe wereld voor een Afrikaans publiek. Vervreemdend.’

2
Eindelijk spelen er kinderen in de binnentuin. Zwarte kinderen. Het is een hels kabaal. Zo ging het in Yeoville, dat in de jaren dat ik er woonde van kleur verschoot, en in Orange Grove, tien minuten verderop, waar ik de navolgende drie jaar resideerde. Zo zal het in Illovo gaan. Het namenbord in de receptie is een multiculturele barometer. Er wonen hier inmiddels een Tshabalala en een Mofokeng. De Ruyawigara moet uit Rwanda zijn.

3.
Tros Nieuwsshow beluisterd via omroep.nl Gesprek over boek In Shanghai van Petra Quaedtvliegh.
Mieke van der Weij: ‘Je woonde eerst toch in Johannesburg? Dat lijkt me een behoorlijke overgang. In Johannesburg vliegen de kogels je als het ware om de oren.’