deon meyer


Vreemd om een misdaadroman te gaan lezen omdat je het met de auteur eens bent. Niet met de intrige die hij bedacht maar de opvattingen die hij in interviews ten beste geeft.
Toch heb ik om precies die reden Deon Meyer’s nieuwste boek ’13 uur’ gekocht. Dat het boek in de VN Thrillergids tot beste van het jaar was uitverkozen, hielp natuurlijk. Toch gaf het interview dat Meyer aan het maandblad ‘Zuid-Afrika’ gaf de doorslag. De schrijver, die telkens in de aanloop van een nieuw boek een tijdje met de Zuid-Afrikaanse politie meeloopt, noemt de ‘zware misdaad’ in Zuid-Afrika een mythe die door de media is gecreëerd. Een zekere mate aan effectiviteit is overigens nieuws. Maar sinds enkele jaren ‘ zijn de misdaadcijfers elk jaar met 10 tot 12 procent gedaald.’

Meyer, schrijft Ingrid Glorie, de auteur van het stuk, ‘laat zich niet meeslepen door het pessimisme rond de positie van de taal (het Afrikaans, bl).’ De auteur wijst erop dat in een ‘veeltallige gemeenschap als de onze’ een gemeenschappelijke taal nodig is. Van Meyer mag dat Engels zijn als die taal ‘groter begrip en verzoening teweegbrengt.’ Niet dat het Afrikaans daaraan moet worden opgeofferd. Meyer: ‘Het is de verantwoordelijkheid van de sprekers van een taal om hun taal te laten groeien en voortbestaan. Dat betekent bijvoorbeeld je kinderen liefde voor de taal brengt, zodat ze hem fatsoenlijk spreken en schrijven. Maar ook om respect te hebben voor andere talen. Er zijn nog veel blanke Afrikaanssprekenden die hun eigen prioriteiten en die van hun taal boven die van het land als geheel stellen.’