Category Archives: blog

stemt de kamer voor stamverwantschap?

Morgen stemt de Tweede Kamer over een motie van SGP-er Kees van de Staaij. In die motie wordt de Nederlandse regering opgeroepen om actie te ondernemen tegen het ‘racistische geweld tegen Afrikaners’ in Zuid-Afrika.
De motie heeft de hartelijke steun van de PVV en ook minister Rosenthal heeft inmiddels zijn instemming betuigd. Dat is opmerkelijk want het kabinetsbeleid heeft het niet zo op met eigenwijze vingertjes. Bovendien dient deze motie geen enkel economisch belang van Nederland. Integendeel.

Maar veel erger is het dat voor de motie geen enkele grond bestaat. Er is nauwelijks racistisch geweld tegen Afrikaners. Wie kijkt naar de misdaadstatistieken ziet dat de slachtoffers alle kleuren hebben, en vooral zwart. Onafhankelijke onderzoeken bewijzen dat Afrikaners doorgaans niet vanwege hun huidskleur slachtoffer zijn van geweld. Wel is er soms sprake van wraak vanwege de voortgaande uitbuiting, de lijfstraffen en het ‘dopstelsel’ (het uitbetalen van loon in de vorm van sterke drank) op sommige boerderijen. Misschien dat de Kamer zich daarover uit kan spreken?

Met de motie – Van der Staaij heeft de lobby voor blanke stamverwantschap na een pauze van enkele tientallen jaren opnieuw de volksvertegenwoordiging bereikt. Stormfront Nederland heeft al enthousiast gereageerd.


ghana subsidieert nederlandse klompen

Ik val midden in het gesprek. Dinsdagmiddag, Radio 1 Journaal. Aan het woord is een Fries die geld inzamelt voor een project in Ghana. Dat doet hij door klompen te verkopen. Toen belde De Koning, het Ghanese equivalent van een soort waterschapsvoorzitter. De politieke partij waarbij hij is aangesloten, is zo enthousiast over de Nederlandse klompen dat ze er tienduizend bestellen. Voor de verkiezingscampagne.
Vraag van de presentator: ‘Vertrouwt u het wel?’ Dat doet ie.
Volgende vraag: ‘Verkoopt u ze tegen de maakprijs?’
Dat doet ie niet. Er wordt winst gemaakt en daarvan gaat 1 euro naar het project in Ghana.
Hmmm?
Als de partij dat geld nou aan het project overmaakt en niet aan de klompenmakers in Friesland dan… afijn, u begrijpt het wel.
Maar mijn klomp is gebroken.


what democracy do we export?


Last Saturday, both de Volkskrant and NRC Handelsblad carried interviews with the Canadian psychologist Steven Pinker. He is professor at Harvard and the author of The Better Angels of our Nature, a book about the incredible decrease of violence over the centuries. Murder, torture, victims of war and human trade are worldwide all on a remarkably lower level than ever. Who says that newspapers don’t bring good news?

In one of the interviews, Pinker is asked if he feels that exporting democracy – as ‘we’, Western countries – do makes sense, and he does. I find the question intriguing since it suggests that in let’s say Africa there is nobody to be found promoting democracy. It needs to be ‘imported’. To me that sounds like a huge misunderstanding of reality. Remember Tunisia, Egypt, Libya? Remember South Africa, Senegal (a impressive movement has stopped the president of this country to go for a third term), Swaziland, and so many other countries.

But the question also raises another issue: what is democracy? In many Western countries a strong civil society, social protest, good education, basic health care are all seen as components of a functioning democracy. The percentage spent on education or health care of Western national budgets is quite higher than the budgets of most African countries. But in the eighties these countries were told by the West to safe dramatically on these expenses and minimize the number of civil servants. There is a debate in Western countries on the problematic rise of these expenses but in comparison the cuts proposed for their own national budgets are marginal.
The kind of democracy Western countries promote seems less more than elections while the social fabric needed to built strong democracy lacks. It seems to me that ‘we’, the West, export a strange sort of democracy that we don’t practice ourselves, and is as useless for the targeted countries as it is for ‘us’.


malema’s verbanning


De schorsing van Julius Malema uit het ANC is niet zozeer een afrekening met het vermeende radicalisme van de jeugdleider maar vooral met zijn ongedisciplineerde gedrag. Een radicale jeugdbeweging zijn ze in het ANC wel gewend, Mandela c.s. ageerde in de jaren veertig van de vorige eeuw al voor verheviging van de strijd tegen de apartheid. Maar, en dat is het verschil met Malema, hij respecteerde doorgaans de interne spelregels en stond niet toe dat zijn aanhang portretten van de ANC president verbrandde. Naast felle kritiek was er respect voor de gekozen leiders.

Ook het feit dat Malema de verhoudingen met de blanken en Zuid-Afrikanen van Indiase afkomst in het land regelmatig op scherp zet, heeft veel kwaad bloed gezet. De stroming in het ANC die gelooft in de beginselen van de beweging – ‘Zuid-Afrika behoort aan allen die er wonen, zwart en blank’ – is nog zeer sterk. De strijd was niet gericht tegen blanken, maar tegen een misdadig systeem (dat door blanken in het leven was geroepen en lang werd gesteund). Dat beginsel vormt voor veel ANC-ers het fundament onder fatsoenlijke omgangsvormen tussen Zuid-Afrikanen van verschillende afkomst.

Maar meer nog dan een gedragskwestie is Malema’s ‘verbanning’ een nederlaag voor hen die zich schaamteloos verrijken met de provisie, zeg maar steekpenningen, die hun geritsel met overheidsopdrachten oplevert. Malema is er in de afgelopen jaren schatrijk mee geworden. Zijn ‘radicalisme’ was een rookgordijn dat daarvan de aandacht moest afleiden.
De massa’s Zuid-Afrikaanse jongeren, velen werkloos en bitter over de groeiende afstand tussen rijk en arm in hun land, verdienen een échte leider.


mauro en angola

De keerzijde van de terechte roep om Mauro een verblijfsvergunning te geven, is het niet door enige feitenkennis gehinderde geklaag over Angola. Wie niet beter weet – de meeste mensen, ben ik bang – gaat nog geloven dat het daar een straatarme en uitzichtloze negorij is. Maar dat is onzin. De economie is er in de afgelopen jaren als kool gegroeid. Het regende banen. Het aantal opleidingen neemt toe. De nieuwe technologie en sociale media veroveren het land.
En natuurlijk leven miljoenen mensen er onder de armoedegrens en wordt de kloof tussen rijk en arm groter. Maar de kans dat Mauro in Angola aan de onderkant terecht komt, lijkt me erg klein. Integendeel, zijn toekomst in dat land lijkt vol kansen en mogelijkheden.
De prijs voor een massale campagne die Mauro hier moet houden mag niet de verdere ridiculisering van de Afrikaanse werkelijkheid zijn.
Maar blijven moet hij: omdat hij hier thuis is en deel van een gelukkig gezin. En omdat vreemdelingen de samenleving verrijken (G.Leers onlangs in een interview).


viviane sassen en de ‘verhulde rituelen’


In het New Yorkse Museum of Modern Art is momenteel werk te zien van de Nederlandse fotografe Viviane Sassen. Het getoonde werk trok eerder in Nederland al veel aandacht: foto’s van Afrikanen waarvan het gezicht meestal niet te zien is. Het zijn zeer intrigerende verbeeldingen. De kritiek die er op gegeven is – ze ziet de gefotografeerden niet voor vol aan, ze ‘esthetiseert’ Afrika, ze schetst een te mooi beeld van Afrika – wijst de fotografe van de hand. In een interview dat vandaag in de Volkskrant verscheen haalt ze uit naar diegenen die suggereren of de mensen die ze portretteert zelf niet zouden nadenken en zich als willoze schapen voor haar camera laten drijven. Een sterke reactie.

Toch roept het interview veel vragen op. Sassen zegt: ‘Mijn beelden confronteren kijkers ook met hun non-kennis over Afrika, hun onwetendheid over ‘de Ander’. Omdat ze er nog nooit geweest zijn, projecteren ze allerlei ideëen en fantasieën op het continent.’
Het klopt van die projectie maar komt dat omdat ‘ze er nog nooit geweest zijn’, zoals de fotografe beweert? Worden de ideëen en fantasieën niet juist gevoed door mensen die er wel geweest zijn. Wat doet die eindeloze reeks foto’s van Volkskrant fotograaf Raymond Rutting waarop telkens weer Afrikaanse mama’s te zien zijn die zich dankzij een microkredietje nu met voorspoed door het leven slaan met de lezer? Telkens als er weer zo’n portret in de krant staat, wordt het misverstand aangewakkerd dat zaken doen in Afrika gelijk staat aan kleinschaligheid. Dat is minder dan een halve waarheid. Het zou me niets verbazen dat Rutting’s reportages worden gefinancierd door een internationale ngo in microkrediet.

Sassen merkt op dat veel mensen ‘niet weten hoe ze iets moeten duiden, of iets bijvoorbeeld onderdeel is van een ritueel.’ Ook hier klopt het eerste deel van het verwijt en het tweede niet. Mensen weten inderdaad vaak niet hoe ze iets moeten duiden, maar in slechts heel weinig gevallen heeft wat ze zien met een ritueel te maken. Maar omdat het Afrika is, denken ze al gauw dat het om een ritueel moet gaan.
Dat mag je ook afleiden uit de keuze van de koppenmaker bij de Volkskrant die boven het stuk zette: ‘Verhuld Ritueel.’


dominee marfo, frank van der linden en vrouwenhandel

In Altijd Wat interviewde Frenk van der Linden dinsdagavond dominee Tom Marfo, een Ghanese strijder tegen vrouwenhandel en dominee in Amsterdam Zuid-Oost. Bij van der Linden’s bekentenis zelf wel eens naar de hoeren te zijn geweest voelde ik me nogal ongemakkelijk. Maar dit terzijde.
Prostitutie = vrouwenhandel = hedendaagse slavernij, aldus Tom Marfo’s boodschap.
Het ingewikkelde van deze benad…ering is dat hij elke nuance over prostitutie uitsluit. Wie begrip opbrengt voor het oudste vak ter wereld is automatisch een aanhanger van vrouwenhandel en slavernij.
Maar die vraag werd niet gesteld. Zoals enig onderzoek naar Marfo’s bewering (Friesch Dagblad, 3 maart 2003) dat Afrikanen over een gen beschikken ‘dat met ritme, warmte en gemeenschap te maken heeft’ uitbleef. Die uitspraak zou je racistisch kunnen noemen. En waarom strijd Marfo even fervent tegen abortus als tegen vrouwenhandel?
Marfo wil dat vrouwen hun pooier inwisselen voor zijn Pinkstergemeente. Maar is zendingsdrift niet evenzeer een uitdrukking van moderne slavernij?



james baldwin & the black man’s burden

Last weekend I was looking after my brother’s apartment and I had forgotten to bring the book I am reading at present – an intriguing history of Prince Louis Rwagasore, one of the leaders of the Burundese independence movement and murdered soon after freedom came, like Lumumba.
I looked at my brother’s bookcase for an alternative. I found James Baldwin’s Giovanni’s Room, written in 1964, a Dutch translation was published in 1972 by … hmmm, well, okay … Zwarte Beertjes (Black Bears).
I could not stop reading this beautifully written novel: brilliant dialogues, a fascinating story, intensely shaped characters, superior storytelling and sometimes almost endless sentences one wished would never stop. A story about an American youngster in Paris torn apart between two lovers, a male and a female.
Long ago I have read some of Baldwin stories and essays dealing with issues of race. If I would have been asked to describe the man I would have linked him to the US civil rights movement and, may be, with homosexuality. I have now discovered Baldwin the novelist. One wonders why the Nobel Committee overlooked him when he was still alive.

After I had finished the book – warming up to read all the other titles he wrote – I checked Wikipedia. About Baldwin it says:
‘His novels and plays fictionalize fundamental personal questions and dilemmas amid complex social and psychological pressures thwarting the equitable integration of not only blacks yet also of male homosexuals—depicting as well some internalized impediments to such individuals’ quest for acceptance—namely in his second novel, Giovanni’s Room (1956), written well before the equality of homosexuals was widely espoused in America.[2] Baldwin’s best-known novel is his first, Go Tell It on the Mountain (1953).’
It’s more proof of how the work of black artists is always politicized – in western views they must be the expression of a desire for equality, freedom, rights … but never expressions of literary eminence. To me it seems to be the black man’s burden.
The publisher notices the lack of a more political message in Giovanni’s Room. The cover text even states that this is an ‘only white characters’ book (I found hardly evidence for this). Now the book becomes political because of his lack of politics. We must decolonize our mindsets so that we can enjoy stories by black writers for what they are.


bram fischer’s swimming pool


I have just received the Journal for Contemporary History, published by the Department of History at the University of the Free State. There is an interesting story by H Haasbroek on ‘Die Fischer-woning en -swembad in Beaumontstraat 12, Johannesburg: Simboool van rasseharmonie in apartheid Suid-Afrika.’
Bram Fischer was one of Mandela’s lawyers and leader of the South African Communist Party. Not long after Mandela’s imprisonment, Fischer was also arrested and sentenced. He was released in 1975, shortly before he died of cancer.
I am familiar with Fischer fascinating history – his father and grandfather were high positioned Afrikaners in the former Orange Freestate. Fischer was the prodigal son who joined the democratic forces in his country.
The story in the journal presents evidence of how the Fischer’s – his wife died in a car accident soon after the Rivonia trial that sentenced Mandela and his fellow strugglistas – built a new, non-racial South Africa in and around their home in Beaumont Street. No colours excluded from the pool, no slegs vir blankes signs.